Stichting Dohantu

Jos: Laatste?

FietsPrecies op het moment dat je het snapt, dat je wel zo ongeveer het reilen en zeilen in de smiezen hebt. Op dat moment, weten ze je hier toch weer te verbazen.

Als je een beetje je vaste vriendjes hebt gevonden, een fijn plekje voor een bakkie thee en een alternatief thuis. Als de eerste grote expedities erop zitten en je hebt de vreemdheid van dit alles in een bepaald wezenloos perspectief kunnen zetten. Dan, dan pas voel je dat jouw plek in het geheel die van een vreemde is. Die van een buitenstaander.

En dat is precies de kracht van de dingen die ik hier een beetje heb proberen te doen. Ik kom van een andere planeet, van een andere kosmos en ik ben zo'n vijftig of honderd jaar terug in de tijd gegaan om een taal te vinden om daarmee te vragen en uiteindelijk te zeggen: waar ik vandaan kom, daar doen we het ongeveer zo, is dat niet wat voor jou? Biedt dat kansen? Brengt dat je ergens? Neemt niet weg dat ik me af en toe stikeenzaam heb gevoeld en regelmatig onbegrepen.

Of het nou gaat om onderwijs (je hoeft niet pal voor de klas te staan en te praten om leren mogelijk te maken, wist je dat?), ondernemen (als je opschrijft wat je iedere maand uitgeeft en verdiend, dan kun je dat bijhouden en dan kun je doelen stellen. Zou dat je motivatie kunnen geven?) of organiseren (als je er nou een goaltje bij bouwt, dan kun je vijf tegen vijf spelen en dat is leuker voor kleine kinderen dan 11 tegen 11, want dan scoren ze meer). Ongevraagd advies, meestal. Dan is het niet gek dat de antwoorden soms uitblijven.

Ik neem dadelijk weer mijn raket naar het futuristische Nederland en bedenk dat een echte goede voorbereiding misschien wel onmogelijk is voor het werken aan een onderwijsinstelling in Gambia. Het is trial and error. Soms - meestal, eigenlijk - blijkt iets een doorslaand succes, maar het loopt altijd anders dan gedacht.

Vreemde ogen dwingen. Nu wil ik niemand ergens toe dwingen, maar als je nieuw bent in een organisatie (laat staan een land), zie je dingen die anderen al niet meer zien. Nou is het de kunst om eerst de context te begrijpen, vervolgens at te wegen of je daar vocaal over wilt worden en als derde hoe je dat dan doet, zonder je respect voor wat dan ook te verliezen. Vervelend verfrissend is het als iemand vraagt: waarom doe je wat je doet?

Het is eenvoudig om de spaceshuttle in te stappen met een enorme zelfgenoegzaamheid, wat mij ëberhaupt niet vreemd is. De lieve mensen hier achterlatend met een paternalistische draai om de oren. En ik maar denken dat ik subtiel en pedagogisch ben. Maar tevreden zijn is een opdracht. Mijn doel was een werkvakantie, waarbij ik ging experimenteren met allerlei vormen van ontwikkelingssamenwerking, waarbij de hoofdmoot reciprociteit zou moeten zijn.

Dat werken is gelukt, soms veel meer, soms veel minder dan ingecalculeerd. Dat experimenteren is ook gelukt, binnen en buiten de college. Die reciprociteit blijkt knetteringewikkeld. Ik ben zelf helemaal kaalgeplukt. Na weer een training of event gingen de handen op elkaar, maar ik heb geen enkele gratis maaltijd of dak boven me hoofd gehad. Hoogstens een keer korting. Een enkele keer heb ik iets geruild, een product voor een dienst, maar dat leverde meer problemen op dan gevoelens van gelijkwaardigheid. De hamvraag blijft wel: is dat de juiste insteek en zo ja: hoe organiseer je dat dan? Even tussendoor: een paar uur na het schrijven van bovenstaande streek ik neer op het terrein van een metaalwerker. Om ons heen stonden knalblauwe schoolbankjes, voor ons een ghetto-Bbq en ik zat op een metalen mini krukte vlak voor wat smeulende kolen, onder een grote groene boom. Mijn maat maande mij om mee te komen de auto in, maar ik grapte dat ik nog wachtte op een gekruide vis. Een klein poosje later kreeg ik inderdaad een vis, gewoon alleen dat. Geen bord, geen bestek, schoon in het handje. Ik zette mijn tanden erin als Golem en dacht aan mijn tekst 'je krijgt hier ook nooit wat'. Zat ik er toch weer naast, ze blijven je hier verbazen.

manIk heb ook wat geleerd. Je hebt hier überhaupt niets te zoeken als je de dingen niet met een dikke vette glimlach aangaat. Zet altijd een horeca-smile op als je de deur uitgaat. Je hebt hier mannen en vrouwen die verantwoordelijk zijn voor het verschil tussen leven en dood voor hun kroost op die dag, die alsnog hun tanden blootlachen als je ze begroet in hun taal. En... Het is toch ook hilarisch dat ik een knalwitte reet heb en 'soft hair'? En wat was de laatste keer dat jij een zwarte man nariep om daarna te vragen of hij 'iets voor de jongens' had? Het leven en je missie van die dag aangaan met vrolijkheid en lef, dat leren die Gambianen mij wel.

Ik zei van ter voren heldhaftig 'ik reken erop dat ik op m'n bek ga', maar de gevoelens die voortkomen uit overtuigingen, die zijn niet zo snel bij te sturen. Ze zijn laat: waarderen ze het wel? Hij laat niks van zich horen: wilt hij dan wel? Ze praten alleen maar Mandinka: wat doe ik hier eigenlijk? Zo is een zeker unheimisch gevoel mij zeker niet vreemd in de afgelopen weken, maar als je me vraagt - en dat doe je nu, toch? - zou je weer gaan? Dan zou ik zeker wel opnieuw dit fascinerende avontuur aangaan. Dank aan allen die het mogelijk hebben gemaakt.

Social Media

Like deze pagina en bezoek ons op Facebook!



© 2021 Stichting Dohantu algemene voorwaarden links